Onze uitgangspunten
Stichting Kind & Zorg zet zich ervoor in dat de kindzorg in de hele keten kind- & gezinsgericht is ingericht: integraal en zonder muren.

Visie:
Optimale kind- en gezinsgerichte zorg is kindzorg zonder angst, pijn of stress, met zorgverleners die goed naar het kind luisteren, ze betrekken bij het hele zorgproces en samen met het kind beslissen over de zorg en de behandeling. Het is zorg die waar mogelijk plaatsvindt in de eigen omgeving en die past bij het leven van het kind in het gezin, op school en op de sportclub.
Het betekent ook dat kinderen zelf de regie over hun leven kunnen blijven voeren. Zowel voor als tijdens en na het zorgproces. Kinderen moeten zoveel mogelijk kunnen blijven meedoen en zich zoveel mogelijk lichamelijk, mentaal en sociaal kunnen blijven ontwikkelen.
Missie:
- De stem van kind en gezin te laten horen en hun behoeften te agenderen door mensen en organisaties te informeren, te adviseren en er toe te bewegen mee te werken aan onze missie.
- De kwaliteit van de zorg aan kinderen te bevorderen door mensen en organisaties met dezelfde doelstellingen rond kind- en gezinsgerichte zorg bij elkaar te brengen en te activeren.
- De zorg aan kinderen te helpen innoveren door het opsporen van knelpunten in de zorg en in wet- en regelgeving en initiatieven en tools aan te reiken aan kind en gezin, het zorgveld en andere stakeholders.
Dit doen we in ziekenhuizen en andere kindzorgorganisaties, maar ook aan alle overlegtafels en in de politiek. Wij komen op voor de belangen van kind en gezin overal waar over de medische kindzorg gesproken en besloten wordt. Dit is belangrijk, want kinderen zijn geen kleine volwassenen.
Ieder kind dat met ziekte te maken krijgt heeft recht op zorg en ondersteuning die bij hem of haar past. Dat vinden wij niet alleen, maar staat in het VN kinderrechtenverdrag. Dit hebben we uitgewerkt in twee handvesten, met ieder 10 regels. Eén gaat over zorg in het ziekenhuis, en één over zorg daarbuiten.
Een ziek kind is als ieder ander kind
Een ziek kind is een kind zoals ieder ander kind. Ondanks zijn ziekte wil het spelen, ontdekken, beleven en groeien als mens. Het wisselt zijn tanden, er zijn peuter- en puberfrustraties en het blijft steeds zijn grenzen opzoeken en verleggen.
Zieke kinderen hebben veel wilskracht. Zij willen graag onderdeel blijven uitmaken van het systeem waarin zij zich bevinden. Zij hebben behoefte aan liefhebbende ouders, een fijn gezin en broertjes en zusjes die hen uitdagen zodat ze hun grenzen kunnen verleggen. Ze willen spelen met andere kinderen op het kinderdagverblijf of op school en daarna thuiskomen om verder te spelen met de kinderen uit de buurt. Zij maken onderdeel uit van het sociale netwerk van hun ouders. Ze gaan samen op bezoek bij vrienden en familie en vieren als gezin vakantie in een tentje in Frankrijk.
Soms lukt dit niet en voelt het zieke kind zich écht ziek, bijvoorbeeld als het beroerd is van de chemotherapie. Als het zich weer enigszins beter voelt, komt een kind weer in actie en zal weer willen spelen, ontdekken en beleven. Dit is een proces dat onverminderd doorgaat in een kinderleven, ook als het kind ziek is.

Zieke kinderen komen, in tegenstelling tot gezonde kinderen, regelmatig in het ziekenhuis en worden daar ook opgenomen. Hierdoor komen zij in aanraking met volwassenen die niet in het normale systeem van kinderen thuishoren. Opeens gaat er een voor hen vreemde wereld open waarop zij niet altijd invloed hebben. Kinderen kunnen het gevoel hebben dat dingen hen overkomen. Er kan sprake zijn van pijnlijke of vervelende onderzoeken, waarbij  kinderen zien hoe hun ouders verdrietig en machteloos toekijken.
Waarom is het nodig de zorg voor (ernstig) zieke kinderen apart te financieren en te regelen? Het belangrijkste verschil tussen een kind en een volwassene is dat een kind in ontwikkeling is: lichamelijk, cognitief, emotioneel en sociaal. Ook is een kind nog afhankelijk van zijn ouders. Dit heeft tot gevolg dat kinderen op een andere manier zorg nodig hebben dan volwassenen.
Kinderen hebben een andere anatomie en fysiologie
De anatomie en de fysiologie van kinderen verschilt wezenlijk van die van volwassenen. Zo hebben kinderen bijvoorbeeld een relatief groter hart met een groter hartminuutvolume dan volwassenen. De polsfrequentie is hoger bij een lagere bloeddruk dan die van volwassenen. Als een kind het benauwd heeft, zal het sneller gaan ademen terwijl een volwassene meer lucht per teug zal gaan inademen. Het vochtgebruik per kilogram lichaamsgewicht is bij een kind hoger en hierdoor droogt een kind veel sneller uit dan een volwassene. Het op peil houden van hun lichaamstemperatuur is voor kinderen moeilijker, omdat zij een groot lichaamsoppervlak hebben in verhouding tot hun gewicht, weinig isolerend vet en nauwelijks rilvermogen. Zij raken dus veel sneller onderkoeld dan een volwassene. Daarnaast zijn er bij kinderen ziektebeelden die bij volwassen niet meer voorkomen. Wie kinderen verzorgt en verpleegt, moet hiermee constant rekening houden.
Cognitieve ontwikkeling en de belevingswereld van kinderen
Een kinderbrein is nog in ontwikkeling. Kinderen zien, begrijpen, voelen en beleven dingen vaak anders dan volwassenen. Kinderen zijn niet altijd in staat om woorden te geven aan wat zij voelen, waardoor het des te belangrijker is dat volwassenen inspelen op dat wat kinderen proberen te vertellen.
Ook reageren kinderen in emotioneel opzicht anders op ziekte en letsel dan volwassenen. Als volwassenen hiermee rekening houden, voelen kinderen zich prettiger en kunnen emotionele problemen in de ontwikkeling van het kind worden voorkomen. Het is daarom belangrijk dat de stem van het kind altijd gehoord wordt en dat ouders hun kind goed kunnen voorbereiden, troosten en steunen.