Aandacht en zorg voor psychosociale klachten bij langdurig zieke kinderen

0
601
TRANSIT aandacht psychosociale klachten langdurig zieke kinderen

Het TRANSIT project

Bij goede zorg is er niet alleen aandacht voor het lichamelijke, maar ook voor de sociale en emotionele balans van kind en gezin. Daar zijn kinderen en zorgprofessionals het al lang over eens. We weten namelijk dat een kwart van de kinderen met ingrijpende medische aandoeningen sociale en emotionele klachten heeft.

Toch blijken zorgprofessionals en kinderen en hun ouders nog onvoldoende uitgerust om daarover te praten en indien nodig psychosociale zorg (thuis) te organiseren. Het TRANSIT project, een initiatief van het Radboudumc Amalia kinderziekenhuis en Stichting Kind en Ziekenhuis, wil de aandacht voor psychosociale klachten door ziekte vergroten.

Dorette Jansen-Carton projectleider namens Stichting Kind en Ziekenhuis zegt over TRANSIT: “Het doel is het ontwikkelen van de psychosociale zorg aan kind en gezin.” Dat gaat het Amalia kinderziekenhuis doen op een paar manieren:

Ten eerste door al zodra een kind ziek blijkt, in te schatten of een gezin extra psychosociale ondersteuning nodig heeft. Daarvoor gaan zorgverleners gebruikmaken van De Psycosocial Assesment Tool (PAT)De PAT is een vragenlijst voor ouders. Met behulp van de antwoorden van de ouders kunnen zorgprofessionals risico’s op psychosociale problemen inschatten en bespreken. Ook wil het Amalia kinderen en hun gezinsleden betere informatie geven over mogelijke psychologische en sociale gevolgen van de ziekte.

Verder gaan zorgprofessionals kind en gezin veel uitgebreider vragen: Welke zorgen heb je en wat heb je nodig? Het moet voor zorgprofessionals makkelijker worden om te zien welke doelen het kind en het gezin hebben. Om dat te bereiken wordt binnen Transit gewerkt volgens het Medische Kindzorgsysteem. Een methodiek die zorgt dat de behoeften van het kind en het gezin centraal staan.

In het TRANSIT project, krijgt de zogenaamde Hulpbehoeftescan kind&gezin een plek in het zorgproces. Met behulp van een vragenlijst brengen kind en ouders samen met zorgverleners in kaart welke zorg zij nodig hebben. Op lichamelijk én op psychosociaal vlak (4 kinderleefdomeinen).

Uit de hulpbehoeftescan kind&gezin kan bijvoorbeeld komen dat een kind erg angstig is. Dat hij het lastig vindt dat hij veel school heeft moeten missen, of dat hij het moeilijk vindt om zijn grenzen aan te geven.

De psychosociale doelen die uit de hulpbehoeftescan kind&gezin komen worden samen met de medische doelen opgenomen in het zorgplan kind&gezin. Een doel zou in dit geval kunnen zijn: “Ik kan mijn grenzen aangeven. Mijn leraren, vrienden en vriendinnen weten wat ik door mijn ziekte wel en niet kan.”

Met dit plan werken zorgprofessionals thuis en in het ziekenhuis. Er staat in welke ondersteuning het gezin nodig heeft, wie verantwoordelijk is voor het behalen van de doelen en met wie en wanneer er geëvalueerd wordt. Het moet een samenwerking worden waarbij iedereen zijn of haar eigen waardevolle inbreng geeft.

Tot slot wordt er een digitaal platform ingericht dat de communicatie tussen kind, gezin en zorgprofessionals moet vergemakkelijken. Het gezin beheert zelf de toegang tot de omgeving en kunnen zorgprofessionals uitnodigen om deel te nemen. Via het platform krijgen kinderen en ouders ook informatie over de mogelijke psychosociale gevolgen van het ziek zijn.

Samen moeten deze instrumenten zorgen voor een nieuwe manier van samenwerken tussen zorgverleners, kind en gezin zodat er meer aandacht en zorg is voor kinderen en gezinnen die door ziekte uit balans zijn.

Informatie project Transit: Dorette Jansen

  • Looptijd: 2018-2019
  • Deelnemende partijen: de gemeenten Regio Nijmegen, Coöperatie VGZ, entrea lindenhout, de vrijgevestigdejeugd GGZ Nijmegen, Karakter, Propersona, GGD Gelderland-Zuid, Kinderthuiszorg, Amalia Kinderziekenhuis en Stichting Kind en Ziekenhuis,
  • Mede mogelijk gemaakt door het ZorgInstituut Nederland (ZIN)