Het Medische Kindzorgsysteem in de praktijk

De afgelopen twee jaar is de MKS-methodiek in de praktijk getest. Dit gebeurde in zes zogenaamde MKS Proeftuinen. En met succes, want ze stoppen niet.

Nu de proeftuinen zijn afgelopen, gaan de MKS-pioniers door op de ingeslagen weg. De samenwerking tussen de eerste-, tweede- en derdelijnsorganisaties blijft zich verder ontwikkelen en uitbreiden. Zo komen er steeds meer plekken in Nederland waar kinderen en hun ouders de ruimte hebben om zelf keuzes te maken over zorg en organisatie.

Op naar integrale kindzorg

Via deze link vind je de belangrijkste inzichten uit de proeftuinen.

Geplaatst in MKS
AV1 Robot

‘Als Fiona (8) moe wordt, neemt de robot haar plek in de klas over’

Door een energiestofwisselingsziekte is de dochter van Selma (38) altijd moe. ‘Naar school gaan of speeldates met vriendjes zijn voor Fiona niet vanzelfsprekend.’

Naar schatting zijn er ruim 19.000 kinderen met een langdurige ziekte in Nederland. Zij missen hierdoor vaak (buiten-)schoolse activiteiten en de sociale contacten met vrienden. Zo ook Fiona. Maar nu is Botje er, een AV1 robot die haar plek overneemt in de klas wanneer zij er niet is en fungeert als haar ‘ogen, oren en stem’. Via het programma bondgenoten kan zij deze robot gratis lenen.

Lange zoektocht

Selma: ‘Als baby huilde Fiona veel. Ze was altijd moe en weigerde de borst en fles. Voor ons was al snel duidelijk dat er iets mis was, een gevoel dat met de jaren alleen maar meer bevestigd werd. Ze was te moe om zelf te eten en leefde op sondevoeding. Tijdens het lopen zakte ze regelmatig door haar benen en later op school merkten de leraren dat Fiona zich naar moeilijk warm kon houden tijdens het buitenspelen. Artsen bevestigden onze zorgen, maar konden er jarenlang geen diagnose op plakken. Op haar vierde kwamen we in contact met een nieuwe kinderarts en hij sprak voor het eerst over een energiestofwisselingsziekte. Alles lijkt erop dat de cellen in Fiona’s lichaam te weinig energie produceren. Als wij opstaan voelen we ons fit, Fiona wordt wakker met het gevoel net een marathon gelopen te hebben. Je ziet niets geks aan haar, maar alles wat ze doet kost haar bergen energie. Ook nadenken en zich concentreren. Daarom kan ze ook niet alle dagen naar school. Ze krijgt een paar dagen per week thuisles en gaat vier dagen om twaalf uur naar huis.’

Botje

‘Door haar ziekte mist Fiona helaas veel. Lessen, maar vooral ook de sociale contacten. Ze is er bijvoorbeeld nooit bij als er aan het einde van de middag speelafspraakjes worden gemaakt op het schoolplein. Dat vind ik zo jammer voor haar! Maar nu is Botje er, een AV1 robot beschikbaar gesteld door Vodafone Foundation en Stichting Kind en Ziekenhuis, die haar plek overneemt in de klas wanneer zij er niet is. Hij fungeert als het ware als haar ‘ogen, oren en stem’. De robot, die Fiona en haar klasgenoten Botje hebben genoemd naar het gelijknamige boek van Janneke Schotveld, wordt op Fiona’s tafel gezet als zij er niet is. Voor haar de ideale oplossing: ze zit in alle rust thuis, maar is er dankzij Botje toch altijd bij.’

Samen buiten spelen

‘Zodra Fiona inlogt, gaan in de klas de lampjes van Botje branden. “Hallo Fiona!”,  roepen haar klasgenootjes dan. Zo’n grappige, kleine robot vinden alle kinderen natuurlijk heel interessant. Via een app op de tablet kijkt Fiona al swipend rond in de klas. Ze kan ervoor kiezen om wel of geen geluid te horen en of ze wil terugpraten. Als de juf uitleg geeft over klokkijken luistert Fiona even mee, om daarna vanuit haar slaapkamer aan de opdrachten te werken. Spelen de kinderen buiten? Dan gaat Botje mee zodat Fiona niets hoeft te missen. Weet Fiona het antwoord op een vraag? Dan kan ze met een knopje haar vinger opsteken. Al logt ze maar even vijf minuten per dag in, dat doet al zo veel voor haar betrokkenheid met de klas. Fantastisch toch?’

Afscheid nemen

‘Botje is nu vier maanden in het leven van Fiona en het liefst doet ze hem nooit meer weg. Het is echt haar maatje geworden en ze geniet enorm van het contact dat ze via Botje met haar vrienden heeft. Ook tijdens de vakantie of als ze drie weken lang met griep op bed ligt. We mogen de AV1 robot nog twee maanden langer houden en dan gaat hij door naar een volgend kind dat langdurig ziek is (lees hierover meer onder de foto, red.).  Fiona gunt het andere kinderen ook, maar missen gaat ze hem zeker. Hoe mooi zou het zijn als er voor alle zieke kinderen altijd een Botje klaarstaat? Daar dromen we nu van.’

Ken jij een kind dat ook een robot nodig heeft?

Het Noorse bedrijf No Isolation bedacht voor kinderen als Fiona een hulpmiddel, de AV1; een robot die kan fungeren als de ‘ogen, oren en stem’ van het kind. De AV1 robot is niet voor iedereen bereikbaar en daarom stellen de Vodafone Foundation en Stichting Kind en Ziekenhuis 21 AV1 robots gratis beschikbaar aan kinderen met een langdurige ziekte. Omdat de meeste kinderen de robot tijdelijk nodig hebben, kunnen ze rouleren zodat nog meer kinderen er gebruik van kunnen maken. Via www.mijn-bondgenoot.nl kunnen ouders een aanvraag indienen.

Bron: Dit artikel verscheen eerder op Kek Mama.

Reflectietool integrale zorg voor kind en gezin

Een weg door het oerwoud

Kinderen met een chronische lichamelijke of psychische aandoening en hun gezinnen hebben te maken met veel verschillende hulpverleners en organisaties. Voor hen ontwikkelden kenniscentrum Vilans en het Nederlands Jeugdinstituut (NJi) de Reflectietool Integrale zorg voor kind en gezin, een hulpmiddel om de zorg zo goed mogelijk te organiseren rond de behoeften van kind en gezin.

Vilans en NJi hebben de Reflectietool ontwikkeld in nauwe samenwerking met onder meer Stichting Kind en ziekenhuis, zorgprofessionals en gezinnen met kinderen met een chronische aandoening. Soms zijn bij een gezin meer dan dertig professionals betrokken. Wie houdt dan de regie? Hoe sluiten professionals aan bij wat kind en gezin willen en nodig hebben? Hoe stemmen ze af met andere professionals? De Reflectietool helpt zorgprofessionals om zorg, ondersteuning en onderwijs beter te organiseren en af te stemmen op de behoeften van kind en gezin.

Samenwerking

De Reflectietool bestaat uit onder meer acht (film)portretten van gezinnen. Ze vertellen hoe ze de samenwerking met professionals ervaren en waar ze behoefte aan hebben. Professionals vinden inspirerende praktijkvoorbeelden en tips. Ouders kunnen de Reflectietool onder de aandacht brengen van zorgprofessionals. De in de Reflectietool opgenomen mindmap kunnen ouders gebruiken om samen met zorgprofessionals alle zorg en ondersteuning voor het gezin in kaart te brengen. Zo zien zorgprofessionals snel en overzichtelijk met wie ze moeten samenwerken.

Informatie: vilans.nl, zoek op ‘reflectietool’

Hester Rippen, directeur Kind & Ziekenhuis: “De reflectietool sluit heel mooi aan bij onze visie om te komen tot zorg die het kind volgt en tot goede samenwerking tussen ziekenhuis, thuis en andere hulpverleners. We hebben die visie met vijf partners uitgewerkt in het Medische Kindzorgsysteem (MKS). Dat is een methodiek waarmee je de zorg van het ziekenhuis naar de eigen omgeving vloeiend en met aandacht voor het hele leven goed laat verlopen.

Dat gebeurt in vier fasen. In fase 2 worden de behoeften en wensen van kind en gezin in kaart gebracht met een hulpbehoeftescan. In die fase gaat de reflectietool helpen om niets te vergeten. De MKS-methodiek, en daarmee fase 2, is geborgd in de nieuwe Kwaliteitsstandaard voor kind en gezin die in de eigen omgeving nog kinderverpleegkundige zorg nodig hebben.”

Geplaatst in MKS

Verpleegkundige kwaliteitsstandaard voor kindzorg in eigen omgeving

Vandaag is een belangrijke stap gezet richting integrale zorg: de Kwaliteitsstandaard voor kindzorg buiten het ziekenhuis is verschenen. Dit is dé verbindende factor in het Medische Kindzorgsysteem (MKS) en geeft antwoord op de vraag ‘Hoe lever je de beste zorg aan een gezin met een ziek kind in hun eigen omgeving?’. Vele organisaties die betrokken zijn bij de kindzorg hebben een bijdrage geleverd aan de totstandkoming van deze standaard. Ook de ouders van kinderen die thuis nog zorg nodig hebben, zijn bij de ontwikkeling betrokken. Belangrijkste aanbeveling van de Kwaliteitsstandaard is om de kinderverpleegkundige zorg te organiseren volgens het Medische Kindzorgsysteem (MKS).

Ouders met een (ernstig) ziek kind thuis hebben vaak te maken met meerdere hulpverleners en instanties. Door te werken volgens het MKS wordt het ontslag van het kind dat thuis nog zorg nodig heeft, gefaseerd voorbereid. Als het kind naar huis mag is voor alle betrokkenen, in het bijzonder de ouders, duidelijk wat er gaat gebeuren en wie waarvoor verantwoordelijk is. De hulpbehoefte van het gezin en het kind binnen alle leefdomeinen is in kaart gebracht. Daar valt veilig opgroeien, naar school gaan en bijvoorbeeld spelen of omgaan met andere kinderen of jongeren ook onder. Uiteindelijk leidt dit tot het opstellen van een overkoepelend zorgplan waarin de integrale zorg voor kind en gezin is opgenomen. Ook de bijbehorende financiering moet daarbij helder zijn geregeld. De Kwaliteitsstandaard voor het zieke kind en gezin die zorg nodig hebben in de eigen omgeving biedt helderheid over al deze zaken én de kwalitatieve voorwaarden waaraan die zorg moet voldoen.

Eigen regie ouders versterken

Kinderverpleegkundigen kunnen, door hen te ondersteunen, de eigen regie van ouders en gezinnen met een (ernstig) ziek kind thuis versterken. Ouders missen nu nog duidelijkheid over wat goede zorg aan hun zieke kind omvat waardoor het moeilijk is om zelf regie te voeren. Ze worstelen bovendien vaak met hun dubbelrol als ouder én manager van de zorg voor hun kind. Voor ouders is het soms prettig om een zorgcoach naast zich te hebben die hen adviseert en begeleidt. Het doel is ervoor te zorgen dat thuis alles goed is geregeld voor de zorg voor het kind. Zo hoeven ouders niet te veel bezig te zijn met de zorg regelen of zelf meer zorg te geven dan ze aan kunnen. In MKS Proeftuinen wordt tot eind 2018 ervaring opgedaan met het werken volgens de fases van het MKS en daarmee het bieden van integrale kindzorg. Wat komt daarbij kijken, welke randvoorwaarden zijn noodzakelijk en wat zijn de kritische succesfactoren. De MKS Partners nemen de taak op zich om het MKS verder te stimuleren.

Samen met de ouders en het kind

V&VN kinderverpleegkundigen-voorzitter Gerda van Bergen was betrokken bij de ontwikkeling van de kwaliteitsstandaard. Zij werkt in ‘haar’ Martini Ziekenhuis al langer met het MKS: ‘Het belangrijkste wat ik mijn collega’s mee zou willen geven, is: begin niet met kijken naar wat jij een kind en gezin kunt bieden, maar naar wat zíj nodig hebben. Wat een gezin nodig heeft, verschilt echt per situatie. Ouders weten vaak niet dat er voor hen qua zorg echt iets te kiezen valt. Maar dat is wel zo. Het gesprek tussen de kinderverpleegkundige en de ouders moet gaan over wat zij nodig hebben, over wat bij hun gezin het beste past. En je professionaliteit gebruiken om hen sterker te maken.’
Met de verpleegkundige kwaliteitsstandaard voor kindzorg buiten het ziekenhuis wil de V&VN iedereen die zorg thuis biedt, maar vooral verpleegkundigen, verpleegkundig specialisten en verzorgenden, duidelijkheid bieden om de best mogelijke zorg thuis te bieden.

Deze Kwaliteitsstandaard voor het zieke kind en gezin die zorg nodig hebben in de eigen omgeving is de eerste die de V&VN oplevert in een reeks aan standaarden. Vilans en het Nederlands Centrum voor Jeugdgezondheidszorg (NCJ) hebben met de praktijk de kwaliteitsstandaard ontwikkeld. ZonMW heeft de standaard gefinancierd. Stichting Kind en Ziekenhuis zat in de stuurgroep tijdens het ontwikkelingtraject en zal zich inzetten voor de implementatie.

Verpleegkundige kwaliteitsstandaard voor kindzorg in eigen omgeving

Geplaatst in MKS

Minister De Jonge: Goede kindzorg alleen door samenwerking

‘Het is ontzettend belangrijk dat we zieke kinderen en hun familie zoveel mogelijk ontlasten en helpen door goede organisatie, begeleiding en liefdevolle zorg op de juiste plek. Dat kan alleen door samenwerking.’ Dit zegt minister Hugo de Jonge van VWS over het Medische Kindzorgsysteem (MKS) bij het werkbezoek op 9 juli 2018 aan het kinderhospice Binnenveld in Barneveld. De Jonge is naar Binnenveld in Barneveld gekomen om daar te praten over de knelpunten binnen de kindzorg en welke oplossingen mogelijk zijn.

MeerJarenAgenda

De partners die bij kindzorg zijn betrokken hebben de Vooruitblik Meerjarenagenda 2019-2023 aan hem gepresenteerd. Hierin zijn de ambities voor de komende 5 jaar neergelegd. De eerste stappen naar integrale transmurale kindzorg zijn met het MKS al gezet. Het doel is om gezamenlijk toe te werken naar optimale ketenzorg aan zieke kinderen: van het ziekenhuis naar de eigen omgeving. Bijlage bij deze meerjarenagenda is de Rapportage patient journeys kinderpalliatieve zorg van de Stichting PAL Kinderpalliatieve expertise. Van gezinnen met een kind dat palliatieve zorg nodig heeft, is beschreven hoe de zorg eruitziet en welke barrières ouders tegenkomen bij het regelen van de zorg. Het blijkt dat verschillende zorgwetten en niet op elkaar afgestemde bekostiging de grootste knelpunten vormen. Hoe de implementatie van de integrale zorg aan zieke kinderen in de komende periode vorm krijgt, is verder uitgewerkt in de Routemap om te komen tot integrale zorg voor zieke kinderen. De minister heeft beloofd de plannen goed door te nemen: ‘Wetten geven geen zorg, mensen doen dat. Het is goed om te zien en te horen dat er al veel gebeurt om de zorg aan kinderen te verbeteren. Ik ben blij dat nu een gezamenlijke meerjarenagenda is opgesteld. Dat geeft richting en houvast.’

Minister De Jonge

Medewerkers van Kinderhospice Binnenveld en de partners van het MKS, Kenniscentrum kinderpalliatieve zorg, V&VN Kinderverpleegkunde, VSCA, NVK, BINKZ en Stichting Kind en Ziekenhuis.

Zorg volgt kind

Bij zorg wordt de focus vaak gelegd op aandoeningen en behandelingen. Kinderen willen vooral kind zijn en dingen doen waar andere kinderen ook mee bezig zijn, het liefst in de eigen omgeving. Dat betekent dat de zorg het kind én het gezin moet volgen: in het ziekenhuis én daarbuiten. Als duidelijk wordt dat een kind buiten het ziekenhuis nog zorg nodig gaat hebben, moet er in het ziekenhuis al vroeg worden nagedacht over het vervolg van de zorg voor de kinderleefdomeinen medisch, ontwikkeling, sociaal en veiligheid. Kinderen en ouders geven aan welke zorg en ondersteuning zij nodig denken te hebben. Zij moeten daar ook de regie in kunnen hebben.

Integrale aansluitende zorg

Met het MKS wordt in vier fasen toegewerkt naar passende integrale zorg die aansluit bij de zorg in het ziekenhuis. Ouders en kind vullen, met begeleiding van een professional, de hulpbehoeftescan in. Op basis daarvan komt een overkoepelend zorgplan tot stand: voor thuis, op school en op alle plekken waar het kind zich bevindt en mogelijk ook weer terug in het ziekenhuis. Hierin staat precies beschreven wie welke zorg verleend, wat de voortgang is en wie waar verantwoordelijk voor is. Van daaruit wordt ook de vertaling gemaakt naar de bekostiging. De overdracht naar de organisaties die thuis de zorg verlenen, gebeurt in het ziekenhuis. Zo kan er daadwerkelijk transmurale ketenzorg ontstaan. Verandert de situatie van het kind en het gezin, dan veranderen de zorg én het zorgplan mee. Het kind en het gezin worden integraal bekeken: voor het hele gezin is er één plan en het is duidelijk wie wat betaalt.

Ontwikkelen

Hester Rippen, voorzitter MKS Programma: ‘Het is noodzakelijk dat iedereen die te maken krijgt met de zorg voor zieke kinderen ook echt het kind en gezin als uitgangspunt neemt. Nu wordt nog te vaak uitgegaan van de plek waar zorg wordt gegeven. Die schotten moeten weg. In het belang van het kind moet er niet te veel en niet te weinig zorg zijn: alles afgestemd op de behoefte van kind en gezin. Het doel moet zijn dat elk kind zich gewoon kan ontwikkelen, ondanks de ziekte.’

Kwaliteitsimpuls

In het najaar wordt de verpleegkundige kwaliteitsstandaard ‘Zorg aan het zieke kind en gezin in de eigen omgeving’ gepubliceerd. Deze standaard is het resultaat van samenwerking van alle veldpartijen en beschrijft wat goede (verpleegkundige) zorg is. De kwaliteitsstandaard moet (kinder-)verpleegkundigen ondersteunen en ouders en kinderen informeren over wat zij mogen verwachten. Daarnaast is de standaard nuttig voor alle professionals die te maken hebben kindzorg thuis: zorgaanbieders, zorgverzekeraars en de overheid.

Geplaatst in MKS
4-fasen - Medische Kindzorgsysteem

Het Medische Kindzorgsysteem in de praktijk: proeftuinen

De zorg voor zieke kinderen buiten het ziekenhuis krijgt een kwaliteitsimpuls door de introductie van het Medische Kindzorgsysteem (MKS). Het MKS gaat over een nieuwe manier van indiceren, organiseren en uitvoeren van zorg aan zieke kinderen, buiten het ziekenhuis, van 0 tot en met 17 jaar die onder de eindverantwoordelijkheid van een kinderarts staan.

Het MKS regelt onder andere de overdracht tussen het ziekenhuis en de eerste en soms derde lijn. De regie ligt bij kind en gezin. Door het invullen van een hulpbehoeftescan wordt de ondersteuningsbehoefte van kind en gezin helder. Deze scan vormt de basis voor het zorgplan waarin de zorg en ondersteuning voor het kind buiten het ziekenhuis wordt beschreven. Dit gebeurt op de vier levensdomeinen van het kind, medisch, sociaal, ontwikkeling en veiligheid. Het doel is dat het kind weer snel in zijn vertrouwde omgeving kan zijn en dat ouders de regie houden.

Praktijk

In 2016 zijn er instrumenten ontwikkeld om te gaan werken met het MKS. In 2017 worden er bij diverse ziekenhuizen (perifeer en academisch) proeftuinen opgezet om te onderzoeken wat de succes- en faalfactoren van deze systematiek zijn. Ook sluiten we in een aantal regio’s aan bij de ontwikkeling van de netwerken integrale kindzorg, die de komende jaren door de Stichting Pal worden opgezet.
Het ophalen van feedback, door middel van het in de praktijk brengen van de systematiek van het werken volgens het MKS, zal leiden tot bijstelling van de ontwikkelde instrumenten. Dat zal eerst kleinschalig worden opgezet, door bij een beperkt aantal ziekenhuizen de systematiek te introduceren. Dit zal uiteindelijk resulteren in een set protocollen en instrumenten (een toolkit), waarmee het MKS bij zoveel mogelijk aanbieders van kindzorg geïmplementeerd kan worden. De randvoorwaarden zijn daarvoor essentieel. Naast het ziekenhuis worden ook de organisaties betrokken die een rol spelen bij de vervolgzorg van het kind buiten het ziekenhuis. De proeftuinen worden aangestuurd vanuit een landelijk Programmabureau, in opdracht van VWS.

Wat gaan we doen in de proeftuinen?

In de proeftuinen maken we expliciet wat het werken volgens het MKS inhoudt. Per proeftuin wordt een ‘foto’ gemaakt hoe de processen nu lopen en welke rol het kind en gezin hierin spelen. Hoe werken de verschillende disciplines binnen en buiten het ziekenhuis samen? Hoe wordt de hulpbehoefte van kind en gezin in beeld gebracht? Wordt er gebruik gemaakt van een zorgplan, hoe ziet dat eruit? Is het interdisciplinair en overkoepelend? Op basis van deze foto worden per proeftuin subdoelen geformuleerd vanuit verschillende invalshoeken.

De uitgangspositie en het kennisniveau met betrekking tot het MKS verschilt sterk per ziekenhuis/omgeving. Op basis van de fotogegevens hebben we inzicht in wat er nog noodzakelijk is om te kunnen werken volgens het MKS. Is dat opleiding? Adequate kind volgende financiering? Samenwerking in de regio? De aanwezigheid van een sluitende sociale kaart? Per ziekenhuis wordt in overleg vastgesteld, hoeveel gezinnen gaan meedoen.

De proeftuinen worden gemonitord. Resultaten uit de monitor geven inzicht in de effecten van de MKS-werkwijze. Neemt de werkdruk toe of af, komen er verantwoordelijkheden bij? Vindt er een verschuiving plaats van verantwoordelijkheden? Wordt er vaker transmuraal gewerkt door de verschillende betrokken disciplines, sluit de huidige wijze van bekostiging hierop aan? Wordt de samenwerking tussen in- en extra murale organisaties anders? Neemt de ervaren kwaliteit van zorg toe? Neemt de tevredenheid van kind en gezin toe? Kortom wat is de belangrijkste meerwaarde van het MKS.

De resultaten zijn de basis voor kennisdeling. Er wordt kennis opgehaald, er komen ervaringen met het werken volgens de systematiek van het MKS. We halen tools op die invulling geven aan de 4 fasen, kortom er ontstaat een kennisbank.

In de proeftuinen is de 4 fasen systematiek van het MKS uitgangspunt. De nadruk zal vooral liggen op het gebruik van Verwijsboom, Hulpbehoeftescan kind & gezin en het Zorgplan kind & gezin.

Wilt u meer weten over de vier fasen van het Medische Kindzorgsysteem (MKS)? Kijk dan hier.

Geplaatst in MKS

Het MKS: wat betekent dit voor kind en ouders in de praktijk?

10 februari | De landgoederij in Bunnik

Bent u een ouder van een zorgintensief kind en heeft hij of zij verpleegkundige zorg nodig?

Dan is deze (gratis*) dag heel interessant voor u.

Wilt u zich direct inschrijven of het volledige programma bekijken?

www.mksindepraktijk.nl

 

*Deelname aan deze unieke dag is gratis. Wel vragen wij om een borg van € 15,-. Dit krijgt u retour na deelname.

 

Geplaatst in MKS

MKS praktijkdagen: een groot succes! Bekijk het sfeerimpressiefilmpje.

De MKS praktijkdagen op 1, 2, 14 en 16 november waren een groot succes. Op alle dagen was de zaal volledig gevuld! Er waren zowel (kinder)verpleegkundigen en transferverpleegkundigen binnen en buiten het ziekenhuis aanwezig, als ook teamleiders van kinderafdelingen en andere zorgprofessionals.

In totaal 430 deelnemers! Een mooi moment om met zijn allen te kijken naar de samenwerking tussen het ziekenhuis en thuis met behulp van het Medische Kindzorgsysteem en hoe dit in de praktijk via MKS online kan worden vormgegeven. De MKS praktijkdag werd georganiseerd door Stichting Kind en Ziekenhuis, MKS online, Stichting PAL kinderpalliatieve expertise, Allerzorg, KinderThuisZorg en ZieZeZo.

Inspiratieboom

Op de MKS praktijkdag kregen deelnemers de mogelijkheid een vragen- of ideeënkaartje op te hangen in de zogenaamde inspiratieboom. Ook kon iedereen op de foto met zijn of haar favoriete artikel(en) van het Handvest Kind en Zorg in de speciale photobooth. En dat werd ook veelvuldig gedaan! Alle foto’s en een deel van de presentaties zijn binnenkort terug te vinden op de website van MKS online.

Sfeerimpressiefilmpje van de MKS praktijkdag

Geplaatst in MKS
MKS

Special over het Medische Kindzorgsysteem

Het Medische kindzorgsysteem is het afgelopen jaar doorontwikkeld tot een uitvoerbare vier fasen systematiek voor zowel professionals als kind en gezin. Of je nu in Groningen of in Limburg woont, de hulpvraag van kind en gezin wordt hiermee op eenduidige systematische wijze in kaart gebracht, bekeken vanuit de vier levensdomeinen van het kind. In deze MKS special is de laatste stand van zaken op een rij gezet. Een infographic laat zien wat het MKS is in één oogopslag. Bijgevoegd is ook het document Goede zorg, waarin de tien kwaliteitscriteria zijn opgenomen die ten grondslag liggen aan het MKS.

MKS vanaf begin 2017 in de praktijk beproeven

De ontwikkeling en invoering van het Medische kindzorgsysteem (MKS) gaat een belangrijke nieuwe fase in. De afgelopen maanden is hard gewerkt aan het voltooien van de instrumenten die de betrokkenen rondom het (ernstig) zieke kind nodig hebben voor een succesvol gebruik van het MKS; de nieuwe systematiek voor het indiceren, organiseren en uitvoeren van zorg aan zieke kinderen buiten het ziekenhuis, die onder de verantwoordelijkheid van een medisch specialist vallen.

De randvoorwaarden voor implementatie van het MKS zijn opgesteld. De uitwerking en het ermee werken is nu aan het veld. Vanaf begin 2017 wordt het systeem daarom in de praktijk beproefd. Dit proces duurt zeker een jaar tot anderhalf jaar. “We maken flinke stappen”, aldus MKS-programmaleider Hadewych Cliteur.

Lees verder

Zorgprofessionals aan de slag met MKS-instrumenten

Vanaf begin 2017 is het zover. Dan gaat het veld met het MKS werken. Daar vindt de verdere ontwikkeling plaats van de systematiek die richting en duidelijkheid geeft voor het indiceren, organiseren en uitvoeren van zorg aan het (ernstig) zieke kind. Om het MKS in de praktijk te kunnen gebruiken, ontwikkelden de MKS-partners handreikingen en instrumenten.

Ook worden er twee standaarden ontwikkeld. De handreikingen staan online, de instrumenten zijn klaar. Eén standaard is nog in ontwikkeling: ‘de Kwaliteitsstandaard zorg aan het zieke kind en gezin in de eigen omgeving’, die wordt ontwikkeld door Vilans en het NCJ.

Lees verder

Document Goede Zorg

Wat mogen ouders van de zorg aan hun zieke kind verwachten? Waar moet goede zorg aan voldoen? In deze factsheet Goede Zorg staan tien criteria beschreven waaraan deze zorg moet voldoen. De samenwerkende organisaties binnen het MKS-programma hebben deze kwaliteitscriteria in gezamenlijkheid opgesteld. Ze dienen als randvoorwaarden voor goede zorg voor (ernstig) zieke kinderen die zorg krijgen buiten het ziekenhuis.

De kwaliteitscriteria zijn ambitieus. Dit heeft te maken met het tekort aan goed opgeleide kinderverpleegkundigen. In dit document zijn de randvoorwaarden dan ook beschreven voor de meest optimale situatie. Ook de branche-, beroeps- patiënten- en ouderorganisaties die deelnemen aan de Denktank van VWS hebben deze criteria onderschreven. Lees in de factsheet waar ieder criterium precies over gaat.

Ook staat er beschreven waar ouders en kinderen terecht kunnen als zij niet de juiste zorg krijgen, vragen hebben, of problemen hebben met de geleverde zorg.

Lees verder

Het MKS in een notendop

Het Medische Kindzorgsysteem is een systematiek waarmee je op een integrale, systematische wijze de hulpvraag van kind en gezin in kaart brengt en organiseert. Voor zorgverleners en voor ouders. Handreikingen en instrumenten zijn ontwikkeld om met het MKS in de praktijk te kunnen werken. Wat moet er gebeuren als het kind het ziekenhuis mag verlaten maar nog wel verpleegkundige zorg nodig heeft. Hoe verloopt de zorg dan en wie heeft daar welke rol in. Op de website www.hetmedischekindzorgsysteem.nl leest u er alles over. In bijgaand document ziet u alle onderdelen van het MKS op één A4.

Lees verder

MKS is ontwikkeld in een samenwerkingsverband van zeven partners:

Geplaatst in MKS

Mooi nieuws uit het MMC over ‘integrale geboortezorg’

Sinds enige tijd wordt na toestemming elke aanstaande moeder in het vrouw Moeder Kind-centrum (VMK-centrum) van Máxima Medisch Centrum (MMC) besproken tijdens een multidisciplinair overleg. Naast de afdeling gynaecologie van MMC zijn hierbij nu al zestien eerstelijns verloskundigenpraktijken uit de regio betrokken. Ook met kraamzorgorganisaties wordt nauw samengewerkt. Deze samenwerking tussen de eerstelijns en tweedelijns zorgaanbieders valt onder de pilot ‘integrale geboortezorg’.

“Er lopen landelijk ongeveer twintig pilots. Het doel is om te komen tot een betere samenwerking binnen de gehele geboortezorg keten, waardoor de overgang van thuis naar het ziekenhuis en weer terug naar huis zo vloeiend mogelijk verloopt. MMC behoort tot de koplopers met het uitzetten van integrale geboortezorg”, weet gynaecoloog Pieter van Runnard Heimel. “Voor alle zwangeren binnen onze regio wordt tijdens een multidisciplinair overleg een zorgpad uitgezet. Op deze manier worden al vroeg in de zwangerschap eventuele risico’s in kaart gebracht en afspraken gemaakt over de begeleiding tijdens de zwangerschap, de bevalling en de kraamtijd. Het is de bedoeling dat de zorg naadloos op elkaar aansluit”, zegt Piet Verhappen van thuiszorgorganisatie Zorgmed.

Eerstelijns verloskundige wordt casemanager

De aanstaande moeder krijgt vanaf het begin een casemanager toegewezen, haar eigen verloskundige. Deze verloskundige gaat ook mee naar het ziekenhuis als daar de bevalling gaat plaatsvinden. Thelma Govaarts van Verloskundigenpraktijk Bergeijk e.o. is enthousiast over het project. “Het multidisciplinair overleg is erg leerzaam. Coördinatie en communicatie zijn hierbij het uitgangspunt. In nauwe samenwerking met de gynaecologen houden we het gehele proces in de gaten en komen we tot nog betere zorg.”

Als eerstelijns verloskundige begeleidt Govaarts de normale zwangerschappen en geboortes. Deze nemen jaarlijks toe. Zo kozen zwangere vrouwen zonder medische complicaties in MMC steeds meer voor ‘thuis bevallen in het ziekenhuis’ (poliklinische bevalling) in een kraamsuite met een huiselijke uitstraling. In 2015 kozen 414 vrouwen hiervoor. Dit zijn er 82 meer dan het jaar ervoor.

De aan MMC verbonden tweedelijns verloskundigen begeleiden onder verantwoording van de gynaecoloog de bevallingen die worden doorgestuurd vanwege een complicatie. In totaal zijn er in MMC in 2015 2595 vrouwen bevallen: gemiddeld 7 per dag. Het aantal bevallingen is in 2015 met 87 bevallingen toegenomen ten opzichte van 2014.

Verhoogde kans op natuurlijke bevalling

Het delen van kennis binnen de samenwerking leidde er onder meer toe dat het sacred hour ook tijdens thuisbevallingen wordt toegepast. Als het medisch verantwoord is wordt de baby het eerste uur na de geboorte op de borst van de moeder gelegd. Dat het project zijn vruchten afwerpt is inmiddels duidelijk. Van Runnard Heimel: “De kans op een natuurlijke bevalling is in dit ziekenhuis hoger dan het regionaal en landelijk gemiddelde. Dit is te danken aan de samenwerking, de uniforme transparante werkwijze en betere zorg binnen het project.”

In de nacht van 15 februari werd Koen van Gemert in het Vrouw Moeder Kind-centrum van MMC geboren. “Het is ons heel goed bevallen”, vertellen zijn ouders vanuit de kraamsuite van MMC.