Het kind – plus! – in het ziekenhuis

Maandelijks op de nieuwsblog Kind&Zorg: een column van de Vakgroep Pedagogische Zorg in het Ziekenhuis Nederland over wat zij meemaken in de praktijk.

Met een rood potlood zet Sjoerd een kleine stip op de buik in het plaatje van het lichaam. Daarna pakt hij een oranje potlood en omcirkelt meerdere plekken op het lichaam. “Wat is het verschil tussen rood en oranje? vraag ik”. “Rood is heel veel pijn, oranje minder. Bij het rode zit echt een ontsteking, verder ben ik een raadsel voor de dokter, zegt hij”. Zijn zusje horen we van ver aankomen. Ze komt binnen en vraagt luid: “Wat doen jullie?!” “Mag ik ook mee doen?!” Sjoerd reageert: “dit is voor mij, jij mag straks met oma naar de dierentuin”.

Later praat ik met zijn broer van 19 jaar. Hij vertelt thuis zo veel mogelijk te helpen door thee te zetten en boodschappen te halen. Toch loopt het iedere keer op ruzie uit. M’n ouders lopen echt op hun tandvlees zegt hij met een bezorgde blik.

Moeder laat mij foto’s zien van Sjoerd. Een vrolijke sprankelende jongen. En foto’s van een somber kijkende jongen. “Ik weet dat er nu iets echt niet goed zit”, benoemt ze regelmatig. “Ik herken mijn zoon niet”. De zorgen zijn van haar gezicht af te lezen.

Vader stond een dag geleden met rechte rug aan de balie. “Ik ga hier niet weg zonder duidelijke diagnose” meldde hij.

Het hele gezin wordt geraakt door de ziekenhuisopnames van Sjoerd. Angst, schuld, jaloezie, zorg, onmacht en frustratie, emoties die ik binnen dit gezin zie en hoor wanneer ik naar hen luister. Het hele gezin is aan het overleven, ieder op zijn/haar eigen manier. De overlevingsstrategieën van alle vijf gezinsleden zijn anders. Hierdoor veranderen ineens de rollen binnen het gezin en is het moeilijk elkaar te begrijpen en te ondersteunen. Ouders voelen dit haarfijn aan. Ze verwoorden het als watertrappelen in hetzelfde water. Ze maken zich zorgen over het voorheen zo hechte gezin. “Drijven we uit elkaar, drijven we te ver uit elkaar?” Want wanneer ieder zijn/haar eigen hoofd boven water probeert te houden, kun je niet ook nog de ander redden.

Als pedagogisch zorgverlener vraag ik mij ook af wat het toekomstig effect van opnames in het ziekenhuis op dit gezin zullen zijn. Wat gebeurt er wanneer de situatie stabieler is en ze minder hoeven te overleven? Ik durf het niet te zeggen. Aandacht voor elk individu door te luisteren en emoties serieus te nemen is van belang.

Dagelijks loop ik bij Sjoerd ‘plus’ binnen voor een praatje, ik inventariseer of er vragen liggen op psychosociaal vlak. Ik probeer te zorgen dat ze zich gezien voelen.

Zo bespreek ik met ouders op een dag de zorg rondom het, volgens hen, afstotende gedrag van de oudste zoon. Mijn geruststelling zorgt dat zij dit naast zich neer kunnen leggen. Samen met vader en Sjoerd bedenk ik een plan om de prikmomenten stress armer te laten verlopen. Zusje mag ook een keer meedoen tijdens een knutselactiviteit en broer heeft genoeg aan een knipoog.

Zorgen en emoties zijn geuit en waar mogelijk is ondersteuning of advies gegeven. Ze zijn niet kopje onder gegaan. De impact van de opnames is groot voor de patiënt plus: plus broer, plus zusje, plus vader, plus moeder. Het luisteren en de activiteiten bieden geen oplossing in de medische situatie, het zorgt wel dat het hele gezin zich gezien voelt.

Anne Weenink
Pedagogische zorg in het ziekenhuis Nederland

GEZOCHT: ErvaringsDeskundigen en KindZorgProfessionals!

Smiley

Stichting Kind en Ziekenhuis is de patiënten- en consumentenorganisatie voor kinderen in de medische zorg. Wij kennen het Smiley-keurmerk toe aan zorgorganisaties die zich positief onderscheiden door het niveau van hun kindgerichte zorg, beoordeeld vanuit het perspectief van het kind en de ouders.

De Smiley bestaat in Brons, Zilver en Goud. Toekenning van een Smiley geeft aan dat de door ons beoordeelde zorg voldoet aan alle criteria die Stichting Kind en Ziekenhuis aan de betreffende Smiley stelt.

Visitaties

Zorgorganisaties die op gaan voor een Smiley worden bezocht door een visitatieteam. Dit team bestaat uit een teamleider, een ervaringsdeskundige en een zorgprofessional. Het team beoordeelt de zorgorganisatie vanuit patiëntenperspectief op basis van specifieke criteria.

De bijdrage van de Ervaringsdeskundige en de Zorgprofessional is gebaseerd op zijn of haar kennis en ervaring in de medische kindzorg. De rollen worden vervuld op basis van vrijwilligheid; u ontvangt een vrijwilligersvergoeding en de daadwerkelijk gemaakte reiskosten worden vergoed.

HELP MEE!

Wij zoeken meer Ervaringsdeskundigen en Zorgprofessionals om onze visitatieteams te versterken.

Heb jij ervaring met de medische kindzorg door en met je kind(eren)? Ben je kinderarts, (kinder)verpleegkundige, pedagogisch medewerker of anderszins werkzaam als kindzorgprofessional? En ben je werkzaam in een ziekenhuis, de thuiszorg, kinderrevalidatie, bij een verpleegkundig kinderzorghuis of -kinderdagverblijf ? Heb je affiniteit met onze doelstellingen en ben je een aantal dag(del)en per jaar beschikbaar om visitaties uit te voeren?

Dan zoeken we JOU!

Meer informatie & aanmelden
Neem voor vragen of aanmelding contact op met Eva Schmidt – Cnossen van Kind & Ziekenhuis: info@stichtingkindenziekenhuis.nl. Bekijk ook onze websites:

www.kindenziekenhuis.nl
www.kindenzorg.nl
www.jadokterneedokter.nl
www.mijnrechtenalsziekkind.nl

Optimale begeleiding bij borstvoeding voor alle moeders stukje dichterbij

Afgelopen week vond het begrotingsoverleg VWS in de Tweede Kamer plaats. In het debat was veel aandacht voor het pleidooi dat het Platform Borstvoeding en de Landelijke Borstvoedingsraad eerder hebben gehouden met de petitieaanbieding aan de Tweede Kamer. Een optimale begeleiding bij het geven van borstvoeding moet beschikbaar zijn. Hierbij staat vanzelfsprekend de keuze van moeder en kind voorop. Ruim 80% van de moeders start na de geboorte met borstvoeding. Hiervan stopt een groot deel al na de tweede week. Redenen zijn divers maar er is wel één gemene deler: goede begeleiding van een deskundige zou absoluut het verschil hebben gemaakt. Een verschil voor moeder én kind. Want ieder kind dat borstvoeding krijgt, heeft een betere startpositie als het gaat om zijn of haar gezondheid.

De partijen GroenLinks en ChristenUnie hebben tijdens dit debat een motie ingediend waarin de regering wordt verzocht het Zorginstituut advies te vragen inzake de bekostiging van lactatiekundige zorg en hierbij de optie van vergoeding uit het basispakket te verkennen. Deze motie werd ingediend omdat de minister verschillende keren in het debat aangaf dat de lactatiekundige binnen de kraamzorg valt en daarom geen aparte vergoeding nodig heeft. Echter dat is maar ten dele aan de orde. De kraamverzorgster heeft niet altijd de kennis in huis, die een lactatiekundige wel kan bieden. Daarnaast is de verplichte eigen bijdrage een drempel voor gezinnen met een lage sociaaleconomische status om een langere periode kraamzorguren te hebben. Juist deze groep is gebaat bij het langer geven van borstvoeding en het hebben van ondersteuning. Ook lopen vrouwen niet alleen tegen problemen aan bij het geven van borstvoeding in de eerste periode waarin zij intensieve kraamzorg krijgen, maar juist ook in de periode daarna.

We roepen alle Kamerleden op deze motie te ondersteunen. Want ieder kind dat borstvoeding krijgt, heeft een betere startpositie als het gaat om zijn of haar gezondheid.

Lees meer over de petitie via deze link!

Landelijke borstvoedingsraad en platform borstvoeding

Enorm tekort aan verpleegkundigen

Het tekort aan gespecialiseerde verpleegkundigen loopt de komende jaren fors op. Dat blijkt uit een rapport van het Capaciteitsorgaan. Om aan de vraag te kunnen voldoen moeten ziekenhuizen de komende jaren het aantal opleidingsplaatsen verhogen van 1200 naar 2100. Dat is een stijging van 70 procent. V&VN waarschuwt al jaren voor een tekort aan verpleegkundigen.

Directeur Sonja Kersten: “Wij hebben al meerdere malen aan de bel getrokken bij vele betrokkenen, zoals bij het ministerie, de politiek, werkgeversorganisaties, opleidingen en het capaciteitsorgaan, omdat de seinen al jaren op rood staan. Door de vergrijzing gaan verpleegkundigen met pensioen. De zorg neemt in totaliteit en in complexiteit toe, waardoor er meer verpleegkundigen met bepaalde expertise nodig zijn. Daarnaast speelt het feit dat opleidingsinstituten een numerus fixus hanteren, vanwege een tekort aan kwalitatief hoogwaardige stageplaatsen. Dat alles leidt er toe dat de reeds gesignaleerde tekorten verder gaan oplopen. Op dit moment zien we in de ziekenhuizen al tekorten aan bijvoorbeeld oncologieverpleegkundigen, kinderverpleegkundigen en verpleegkundigen op de spoedeisende hulp.”

Versloffen

Volgens het Capaciteitsorgaan hebben de ziekenhuizen de opleidingen van gespecialiseerde verpleegkundigen de afgelopen jaren laten versloffen. Er is te weinig geld geïnvesteerd en er zijn te weinig mensen opgeleid waardoor de tekorten zijn opgelopen. Maar er is ook niet genoeg belangstelling voor de opleidingen. Het lukt ziekenhuizen niet genoeg (leerling-) verpleegkundigen te vinden die zich willen specialiseren.

Flink geïnvesteerd

Geld hoeft het probleem niet te zijn want het ministerie heeft de afgelopen jaren flink geïnvesteerd in het opleiden van medisch personeel. Elk jaar is er 100 tot 150 miljoen euro beschikbaar voor ziekenhuisopleidingen, een bedrag dat in 2018 oploopt tot 227 miljoen euro. “Ziekenhuizen moeten hun verantwoordelijkheid nemen”, zegt Sonja Kersten. De ziekenhuizen geven aan dat het lastig is verpleegkundigen een opleiding aan te bieden want de overstap van verpleegkundigen naar een andere afdeling leidt tot een tekort op een andere afdeling waar ze vandaan komt.

Deltaplan

V&VN maakt zich ernstige zorgen omdat de tekorten zich niet alleen beperken tot gespecialiseerde verpleegkundigen in het ziekenhuis. Ook in de ouderenzorg, kindzorg en de wijkverpleging is een ernstig tekort aan hoogopgeleide verpleegkundigen. In de wijk loopt het tekort dit jaar al op tot 1000 verpleegkundigen. “Het is vijf voor twaalf. Als de tekorten nu niet worden aangepakt vullen we straks het ene gat met het andere. Uiteindelijk betekent het dat patiënten niet langer de zorg krijgen die zij nodig hebben. Om dit te voorkomen moeten alle partijen zich inzetten voor een deltaplan dat zorgt voor voldoende verpleegkundigen. Ook V&VN pakt daarin haar rol, door samen met de andere partners op te trekken, maar ook door verpleegkundigen verhalen te laten vertellen die de essentie van hun vak tonen en gastcolleges te verzorgen om meer interesse te creëren in het beroep en de beroepsontwikkeling”, aldus Sonja Kersten.

Bron: V&VN.

Ineens is hij daar…

Maandelijks op de nieuwsblog Kind&Zorg: een column van de Vakgroep Pedagogische Zorg in het Ziekenhuis Nederland over wat zij meemaken in de praktijk.

Je bent zwanger, in blijde verwachting en hoopt op een voorspoedige zwangerschap en bevalling. In je hoofd al vele scenario’s bedacht, maar altijd hopend op die ene mooie, intensieve bevalling, waarbij je uiteindelijk na een enorme fysieke prestatie jouw kindje op je buik gelegd krijgt. Je wilt jouw kindje vasthouden, bewonderen, voelen, ruiken, proeven, ontdekken en liefhebben. Wat als dit plots anders verloopt?

Ellen is 33 weken zwanger. Het gaat niet goed, artsen maken zich zorgen om haar en de baby. Er wordt besloten dat de baby zo snel mogelijk geboren moet worden, middels een keizersnede. Het ene moment keek Ellen uit naar haar welverdiende verlof, het andere moment wordt dat van haar afgenomen en realiseert ze zich dat ze binnen korte tijd haar kindje gaat ontmoeten.

Ik pak mijn camera, loop naar het OK-complex, trek een steriel pak aan en loop zo snel als ik kan naar de voorbereiding waar Ellen is binnengebracht. Eenmaal daar zie ik dat Erik, haar partner, is gearriveerd. Net op tijd om zijn vrouw te ondersteunen. Ik stel me kort voor en vertel wat ik ga doen. Daarna probeer ik mezelf onzichtbaar te maken en alert te blijven.

Eenmaal op de operatiekamer gaat alles erg snel. De spanning is van Erik zijn gezicht af te lezen. Ellen heeft het zwaar. Er wordt getracht een ruggenprik te plaatsen zodat ze de geboorte mee kan maken, helaas lukt dit niet. Omdat met snelheid gehandeld moet worden, wordt Ellen direct nadien middels het infuus onder volledige narcose gebracht. Daar zit Erik, alleen, naast zijn vrouw die niet aanspreekbaar is, te wachten op de ontmoeting met zijn zoon.

Ik sta achter Ellen en Erik, mijn camera gereed in mijn wat bibberige hand. Zo’n bijzonder moment laat mij ook niet onberoerd. Ik wil geen fouten maken en zeker zijn dat ik voor deze ouders de mooiste beelden vastleg. Ineens hoor ik: ‘doek zakken’. Ik druk op ‘REC’ en zie het doek omlaag gaan waarachter een prachtig klein mannetje tevoorschijn komt uit Ellen haar buik en aan Erik getoond wordt. Hij heet zijn zoon welkom. Sem is zijn naam.

Na de eerste controles waarbij papa actief betrokken wordt en uitgenodigd wordt om zijn zoon aan te raken en tegen hem te praten, mag Sem met papa mee naar zijn mama. Mama is nog onder narcose. Sem wordt met hulp van de kinderarts bij mama gehouden, hoofd tegen hoofd. Sem is eerst wat onrustig, maar zijn gezichtje voelt al snel de warmte van mama en ruikt haar geur waarna hij stil en rustig wordt. Prachtig plaatje!

‘REC STOP’

Met deze beelden kon ik Ellen een paar dagen na de geboorte een tweede kans bieden om de geboorte van haar zoon te bekijken, samen met Erik. Ze kon met eigen ogen zien hoe Sem geboren werd, dat papa bij hem was en dat zij zelf, ondanks de narcose, Sem al tot rust heeft gebracht bij hun eerste huid-op-huid contact. Deze beelden zijn ondersteunend bij het verwerkingsproces van een aangrijpende bevalling. Dit zorgt er uiteindelijk voor dat ouders in staat worden gesteld om zich goed te hechten aan hun kindje. Ouders voelen zich letterlijk ‘dichterbij’ hun kind staan.

Als video-interactiebegeleider/pedagogisch zorgverlener ben ik van mening dat iedere bevalling middels een spoedkeizersnede professioneel gefilmd zou moeten worden!

Fabienne Kouwenberg
Pedagogische zorg in het ziekenhuis Nederland

Mogelijkheden medisch-wetenschappelijk met proefpersonen jonger dan 16 verruimd!

Update 25 oktober 2016

De Eerste Kamer heeft het wetsvoorstel zojuist nagenoeg unaniem aangenomen.

Achtergrond: Verruim mogelijkheden voor onderzoek voor zieke kinderen

De mogelijkheden voor medisch-wetenschappelijk onderzoek met proefpersonen jonger dan 16, moeten worden verruimd. Daarvoor is een wetswijzing nodig. In een brief vragen patiëntenorganisaties de Eerste Kamerleden om voor de wet te stemmen, die deze verruiming mogelijk maakt.

‘Want geen kind of ouder wil een medicijn waarvan de bijwerkingen groter zijn dan de impact van de ziekte die hun kind heeft,’ schrijven de organisaties.

Patiëntenfederatie Nederland schreef de brief samen met haar lidorganisaties, waaronder Spierziekten Nederland, het Duchenne Parent Project, de Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde (NVK) en Vereniging Ouders, Kinderen, Kanker (VOKK). Dankzij beter toegepast en toepasbaar onderzoek kunnen zieke kinderen werkzame en veilige medicijnen krijgen.

Lees hier de brief:

Geachte leden van de Eerste Kamer,

Op 25 oktober stemt u over de wetswijziging 33.508 die de mogelijkheden voor medisch-wetenschappelijk onderzoek met proefpersonen die jonger dan zestien jaar of wilsonbekwaam zijn, verruimt.

Patiëntenfederatie Nederland en haar lidorganisaties, waaronder Spierziekten Nederland, pleiten samen met Duchenne Parent Project, de Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde (NVK) en Vereniging Ouders, Kinderen, Kanker (VOKK) voor deze verruiming. Dankzij beter toegepast en toepasbaar onderzoek kunnen zieke kinderen werkzame en veilige medicijnen krijgen. We vragen u om in te stemmen met de voorliggende wetswijziging.

Waarom is dit nodig?
Om in de toekomst zieke kinderen beter te kunnen maken.
Want geen kind of ouder wil een medicijn waarvan de bijwerkingen groter zijn dan de impact van de ziekte die hun kind heeft.

Kinderen zijn geen kleine volwassenen
Medicijnen kunnen in een kinderlichaam andere effecten hebben dan in het lichaam van een volwassene. Voor veel kinderen met ernstige ziekten, zoals kanker, zijn de geneesmiddelen die zij nodig hebben niet goed onderzocht bij kinderen. En het is dus maar de vraag of ze werkzaam en veilig zijn. Ook zijn er ziekten bij kinderen waar nog geen effectieve medicijnen bestaan. Dat is de reden dat in Nederland medisch-wetenschappelijk onderzoek bij kinderen jonger dan 16 jaar hard nodig is.
Voorbeelden van studies waarvoor de wetsverruiming noodzakelijk is

  1. Geneesmiddelen die al onderzocht zijn bij volwassenen maar niet bij kinderen. Voordat naar werkzaamheid gekeken kan worden moet vaak eerst de juiste dosis bepaald worden. Kinderen krijgen dan verschillende doseringen van een nieuw medicijn en er wordt gekeken welke dosis het veiligst en meest effectief lijkt.
  2. Studies naar aandoeningen die vrijwel uitsluitend bij kinderen voorkomen. Voor kinderen met bijvoorbeeld een spierziekte moeten nieuwe geneesmiddelen ontwikkeld worden die niet op volwassenen getest kunnen worden.

Veel onderzoek naar nieuwe medicijnen mag nu niet in Nederland, omdat het desbetreffende kind waarschijnlijk geen baat heeft van deelname aan het onderzoek en de risico’s en belasting als niet minimaal (t.o.v. gezonde kinderen) worden ingeschat.

Hoe kan het nu mis gaan?
Een goed voorbeeld hoe het mis kan gaan is gebeurd bij HIV behandeling. Bij kinderen met HIV werd de dosis afgeleid van volwassenen. Dit was de dosis die vervolgens wereldwijd door de WHO werd geadviseerd. De behandeling van HIV leek minder goed aan te slaan bij kinderen, maar toen er gekeken werd naar de spiegels in het bloed van deze kinderen, bleek dat de dosering te laag was. Hierdoor zijn honderden en misschien duizenden kinderen onderbehandeld geweest voor HIV. Als er in het begin bij een paar kinderen gekeken was naar de juiste dosering, dan had deze kleine ramp bij een veel grotere groep kinderen voorkomen kunnen worden.

Het gaat om juiste doseringen en uitkomstmaten
Uiteraard moeten kinderen zo min mogelijk risico’s en belasting ervaren van deelname aan onderzoek. Daar wordt hard aan gewerkt. En alle onderzoekers betrokken bij dergelijk onderzoek zijn hier ook bewust mee bezig. Met nieuwe technologische mogelijkheden zijn klinische onderzoeken minder belastend voor kinderen. Met heel beperkt bloedonderzoek en microdoseringen kan veel voorspellend onderzoek gedaan kan worden, wat risico’s en belasting minimaliseert. Er zijn meer mogelijkheden gekomen voor vernieuwen van onderzoeks-uitkomstmaten. Hierdoor is medisch-onderzoek voor kinderen minder belastend en ervaren ze minder zware bijwerkingen. Toch blijft verruiming van de wettelijke mogelijkheden nodig: juist voor die gevallen waar de gevolgen van het niet doen van onderzoek tot onderbehandeling en bijwerkingen bij grote groepen kinderen kunnen leiden.

Richtlijn “Zorgvuldigheidscriteria rondom onderzoek met kinderen”
Naast de ontwikkeling van nieuwe, minder belastende onderzoekstechnieken heeft de Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde in het kader van verruiming van wettelijke mogelijkheden van medisch wetenschappelijk onderzoek de richtlijn ‘Zorgvuldigheidscriteria rondom onderzoek met kinderen’ ontwikkeld. Ook is de ‘Gedragscode bij verzet van kinderen tijdens medisch-wetenschappelijk onderzoek’ herzien. Met de term ‘verzet’ wordt een breed spectrum van mogelijke uitingen van ongenoegen bedoeld. Er zijn twee redenen om dergelijke uitingen erg serieus te nemen. De eerste reden betreft het feit dat een dergelijke uiting erop kan wijzen dat de onderzoeksbelasting voor dat individuele kind te hoog is. De tweede reden betreft het respecteren van de groeiende autonomie van het kind.

In deze code staat onder meer het volgende opgenomen: “Als een kind expliciet en weloverwogen kenbaar maakt dat hij of zij wil stoppen met het onderzoek, dient deze wens te worden gerespecteerd.”

Tot slot
Ondertekenaars van deze brief zijn gezamenlijk van mening dat in Nederland meer medisch-wetenschappelijk onderzoek bij kinderen mogelijk zou moeten zijn en dat de voorgestelde wetswijziging hieraan tegemoetkomt. Deze wetswijziging gaat niet zover als het advies dat de commissie Doek in 2009 uitbracht, want de ‘nee, tenzij’ benadering blijft bestaan. Wij vinden het van groot belang voor zieke kinderen en wilsonbekwamen dat het medisch-wetenschappelijk onderzoek in lijn met de Europese richtlijnen verloopt. Zieke kinderen in Nederland hebben net als in andere Europese landen recht op veilige en goede medicijnen met zo min mogelijk nare bijwerkingen. In het jeugdjournaal van 16 oktober 2016 vertelt Nikki van 11 jaar die kanker heeft haar verhaal.
Wij vragen u in te stemmen met wetsvoorstel 33.508. Daarmee maakt u het mogelijk dat zieke kinderen in Nederland kunnen rekenen op betere en veiligere medicijnen met minder nare bijwerkingen.

Met uw stem kunt u de toekomst van kindermedicijnen en daarmee de kwaliteit van leven van zieke kinderen bevorderen.

We volgen de stemming op 25 oktober uiteraard met veel belangstelling en hopen op uw positieve stem. Ter voorbereiding zijn we heel graag beschikbaar om uw vragen te beantwoorden. U kunt daarvoor contact opnemen met Klaartje Spijkers, beleidsmedewerker Patiëntenfederatie Nederland.

Met vriendelijke groet,

Mede namens ondergetekenden,

Dianda Veldman

Directeur-bestuurder Patiëntenfederatie Nederland

Medeondertekenaars:

Naam Functie Organisatie
Mw. Drs. E. Vroom Directeur Duchenne Parent Project
Mw. Drs. M.C. Naafs-Wilstra Directeur Vereniging Ouders Kinderen met Kanker (VOKK)
Dhr. Dr. C. Oosterwijk Directeur Vereniging Samenwerkende Ouder- en Patiëntenorganisa-ties (VSOP)
Dhr. Drs. M.F.Th. Timmen Directeur Spierziekten Nederland
Dhr. H.J.L. Ridderbos Algemeen directeur Reumafonds
Mw. H. Rippen Directeur Stichting Kind en Ziekenhuis
Naam Functie Organisatie
gezinsgerichte-zorg

Expertisepunt van start voor kinderen met intensieve zorgvraag

Sinds 1 oktober is er een laagdrempelig expertisepunt voor kinderen met een intensieve zorgvraag. Ouders, verzorgers en professionals kunnen voortaan met vragen aankloppen bij het Meldpunt Juiste Loket.

Het Meldpunt Juiste Loket is telefonisch en per mail bereikbaar. De dienstverlening is laagdrempelig en kosteloos. Men kan onder meer contact met het Meldpunt opnemen voor de volgende zaken:

  • U weet niet welk(e) instantie(s) verantwoordelijk is/zijn voor de persoonlijke verzorging, begeleiding en/of verpleging en hoe u dit vervolgens kunt regelen;
  • U vraagt zich af of voor de intensieve zorg een indicatie vanuit de Wlz mogelijk is;
  • U vraagt zich af of er sprake is van IKZ.

Zowel ouders, verzorgers als professionals kunnen voor dergelijke en andere vragen of knelpunten contact opnemen met het Meldpunt. Daarbij is het ten aanzien van deze zorg en ondersteuning voor kinderen vanaf 1 oktober mogelijk dat medewerkers van het Meldpunt op huisbezoek of naar betrokken instanties gaan.

Werkwijze

Wanneer u contact opneemt met het Meldpunt kijken de medewerkers samen met u naar uw vraag/probleem, geven informatie en proberen ervoor te zorgen dat in overleg met de verantwoordelijke instanties (gemeente, zorgverzekeraar, zorgkantoor, CIZ of SVB) een oplossing wordt gevonden.

Contactgegevens

Telefoonnummer: (030) 7897878
E-mailadres: meldpunt@juisteloket.nl
Website: www.juisteloket.nl

Smiley voor Medische Kindzorg thuis en in kinder(dag)verblijven

Gouden Smiley voor CityKids Medische Kindzorg Instelling Rotterdam

Een interview met Citykids, het eerste Verpleegkundig Kinderdagverblijf die een Gouden Smiley Medische kindzorg thuis & in kinder(dag)verblijven hebben behaald op 23 september 2016. Deze dag behaalde ook eerste Verpleegkundige Kinderzorghuis (kinderhospice), Kinderhospice Zonnacare, deze Gouden Smiley.

Vol trots heeft CityKids, als eerste Medische Kindzorg Instelling in Nederland buiten het ziekenhuis, de Gouden Smiley Medische Kindzorg thuis & in kinder(dag)verblijven in ontvangst mogen nemen uit handen van Hester Rippen, directeur van Stichting Kind en Ziekenhuis in het bijzijn van André Rouvoet, voorzitter van Zorgverzekeraars Nederland op het Nationale EACH congres ‘Medische Kindzorg: de vernieuwing! Wat is uw rol?’ van Kind & Ziekenhuis, EACH, MOCHA Project en MKS programma op 23 september 2016 in Zeist.

Achtergrond

CityKids is een Medische Kindzorg Instelling in het centrum van Rotterdam met een unieke focus op kinderen in de leeftijd van 0 tot 12 jaar. Het verpleegkundig kinderdagverblijf is er voor kinderen, in de leeftijd van 0-5 jaar met een (intensieve) verpleegkundige zorgvraag. Kinderverpleegkundigen en (ortho) pedagogen werken samen met kind en ouders, de kinderarts en andere eventueel betrokken behandelaars (kinderfysiotherapeut en (pre) logopediste) aan een geïntegreerd zorgplan gebaseerd op de 4 kinderleefdomeinen Medisch, Sociaal, Veiligheid en Ontwikkeling zoals beschreven in het Medische Kindzorgsysteem (MKS). In het kinderdagcentrum worden kinderen in de leeftijd van 0-12 jaar behandeld. Het kinderdagcentrum van CityKids is er voor kinderen met een ontwikkelingsachterstand, een verstandelijke beperking, een (ernstige) ontwikkelingsstoornis of een stoornis in het autisme spectrum. Ook hier werken (ortho) pedagogen en HBO opgeleide pedagogen samen met ouders en eventueel betrokken andere behandelaren aan een geïntegreerd behandelplan. CityKids geeft bijzondere kinderen de aandacht en ruimte om zich te ontwikkelen en volop mee te doen!

Pilot Smiley keurmerk

Voor CityKids kwam de oproep in januari jl. om mee te doen aan de pilot van Stichting Kind en Ziekenhuis voor de Smiley Medische Kindzorg thuis en in kinder(dag)verblijven in een hele drukke periode. Ambitieuze en innovatieve plannen voor het herinrichten en herbestemmen van een oude leegstaande kerk in Rotterdam Noord naar een multidisciplinair kindergezondheidscentrum voor het chronisch zieke kind en zijn familie vraagt van het team van CityKids de komende jaren alle aandacht. De heilige Familiekerk in Rotterdam Noord gaan we omtoveren in een echt Familiehuis. Ondanks die drukke periode leek het meedoen aan dit pilot een kans om onze organisatie te laten zien en `door te laten lichten` door een organisatie waar wij volledig achter staan en ook echt mee verbonden willen zijn en `bij willen horen`. Dus naast de enorme uitdaging in een al drukke periode werden we versterkt door onze vaste overtuiging dat juist kinderen, hun ouders en omgeving buiten het ziekenhuis verzekerd moeten zijn van kindgerichte zorg. Kindgerichte zorg wat zowel familiegericht als ontwikkelingsgerichte zorg betekent, dat is immers zo doorgedrongen in onze organisatie dat we die uitdaging aandurfden! We stelden onze ambitie hoog: het moest dan wel een Gouden Smiley worden!.

In onze dagelijkse praktijk op beide dagverblijven gaat het ook alleen maar om die ene familie. Wat heeft het specifieke zieke kind en zijn familie nodig en hoe kunnen wij als zorgprofessionals deze verschillende families, die bij ons in zorg zijn, het beste ondersteunen. Niet alleen door dagelijkse verzorging en behandeling te geven maar juist ook door inzet van ons netwerk, waar wij actief deel van uit maken, zorg waar nodig en zo nodig. In het Rotterdamse zorglandschap zijn we goed op de hoogte waar wie zit en wie waar goed in is.

CityKids, Rotterdam: “Hier willen we bij horen, maar dan gaan we ook wel echt voor GOUD. De Gouden Smiley staat namelijk voor excellente kindgerichte zorg!”

Doordat het zorglandschap verandert en de zorg voor het zieke kind verhuist, lijkt alles meer en meer op zijn plek te vallen. Door de implementatie van de visie en missie van Stichting Kind en Ziekenhuis, de waarden en rechten waar het Smiley keurmerk voor staat, alle ontwikkelingen met familie geïntegreerde zorg, het steeds meer toepasbare Medische Kindzorgsysteem, wijkteams die goed functioneren, het steeds professionelere netwerk van kinderpalliatieve zorg, versterken visie en organisaties elkaar, wordt er beter samen gewerkt, waardoor de zorg voor het zieke kind, ouders en omgeving niet alleen in het ziekenhuis goed geoutilleerd is, maar juist ook de organisatie en professionaliteit in de eigen omgeving ten goede komt. Wederom zorg zo nodig waar nodig!

Medische Kindzorgsysteem

Alle kinderverpleegkundigen van CityKids hebben de 4 daagse MKS scholing gevolgd. Deze kennis heb je in de kinderthuiszorg, wijk en kinderdagverblijven ook echt nodig. Al bestaat ons verpleegkundig team uit zeer ervaren kinderverpleegkundigen, alleen ziekenhuiservaring is niet genoeg. De wereld buiten het ziekenhuis is echt een andere. Het besef onder de kinderartsen en kinderverpleegkundigen uit het ziekenhuis is nog niet genoeg door gedrongen hoe belangrijk het is om daadwerkelijk al in het ziekenhuis de hulpbehoefte scan af te nemen en de 4 kind leef domeinen in kaart te brengen. Zo wordt er niets over het hoofd gezien en zal de zorg dichtbij het kind en zijn omgeving gewaarborgd zijn. De kinderverpleegkundigen uit het ziekenhuis moeten aangehaakt worden en blijven en ook massaal de MKS scholing gaan volgen. Dan pas zal de continuïteit van zorg voor het zieke kind en zijn familie aansluiten bij de steeds veranderde behoefte(n) van het zieke kind en zijn familie in de eigen omgeving.

Smiley Keurmerk Traject

Het voordeel van een team met kinderverpleegkundigen met veel ziekenhuiservaring was de bekendheid met keurmerken. Niet alleen de bekendheid maar de overtuiging dat het kind en ouders echt partner in zorg zijn en niet meer weg te denken zijn in het beslissen en bespreken van wat er in het ziekenhuis voor hun kind en familie nodig is maar juist ook de regie van ouders voor de behoeften van het kind en zijn familie buiten het ziekenhuis wereld, in de thuissituatie, in de eigen omgeving.

In de maanden februari tot 19 mei jl. de dag van de visitatie hebben we samen met ouders hard gewerkt om de Ervaring- en Medewerkersmonitor, de Thermometervragenlijsten in te vullen, beleidsstukken, website en voorzieningen intern te toetsen aan de criteria van het Smiley keurmerk. Van vrijwilliger op de rolstoelbus, tot kokkin van de gezonde warme maaltijden, van administratiemedewerker tot directeur, de ouders uit de oudercommissie, we waren er allemaal vol van. De wekelijkse nieuwsbrieven aan de medewerkers begonnen altijd met één van de 10 punten uit het Handvest Kind & Zorg. 19 mei naderde snel, maar we waren er klaar voor. Vol trots lieten de vrijwilligers en medewerkers de organisatie zien en dat is opgemerkt in de quote uit het visitatie rapport die hieronder is weergegeven:

“Alle medewerkers dragen op de visitatiedag een Smiley badge met eigen naam. De sfeer is open, vriendelijk en professioneel”

22 juni jl. zouden we de uitslag krijgen. Die dag vierden we de opening van de buitenspeelplaats, gerealiseerd door schenkingen van 4 fondsen. Samen met de kinderen en hun ouders en veel collega’s uit het netwerk kregen we te horen dat we bijna Goud hadden. Twee verbeteracties moesten nog plaatsvinden. Het één was meer informatie en duidelijkheid geven op de website en het tweede punt was het verbeteren van de veiligheid en kind gerichtheid van de buitenspeelplaats, die ten tijde van de visitatie inderdaad armoedig was. Binnen een maand hebben we aan beide verbeterpunten gewerkt.

Dat we nu op een mooi nationaal congres van Kind & Ziekenhuis het Smiley keurmerk uitgereikt mogen krijgen geeft ons een zeer voldaan gevoel. Al ligt er ook een grote opdracht: we realiseren ons dat het dagelijkse vertrouwen van kind en ouders ons bestaansrecht geeft, daarnaast willen we blijven voldoen aan de eisen die bij het ontvangen van een Gouden Smiley horen, die zullen we te allen tijde ook als gehele organisatie in de toekomst waar moeten blijven maken. Dat houdt ons scherp in onze ambitie en realiseren van het innovatieve project om van een oude kerk een sociaal maatschappelijke en culturele bestemming te maken. Een echt Familiehuis voor families met een chronisch ziek kind voor de stad Rotterdam en omgeving.

In het Familiehuis komen vanaf volgend najaar de volgende zorgfuncties:

  • Verpleegkundig kinderdagverblijf – Een verpleegkundig kinderdagverblijf voor kinderen in de leeftijd van 0-5 jaar, met een intensieve verpleegkundige zorgvraag.
  • Kinderdagcentrum – In het kinderdagcentrum worden kinderen in de leeftijd van 0-12 jaar behandeld. Het kinderdagcentrum is er voor kinderen met een ontwikkelingsachterstand, een verstandelijke beperking, een (ernstige) ontwikkelingsstoornis of een stoornis in het autisme spectrum.
  • Kinderzorg kliniek – De Kinderzorg kliniek, een zelfstandig multidisciplinair kindergezondheidscentrum voor het chronisch zieke kind en zijn familie. Het is straks niet meer nodig om voor poliklinische zorg en dagbehandeling naar het ziekenhuis te gaan, want er zal een kinderarts in het familiehuis aanwezig zijn.
  • Verpleegkundig kinderzorghuis – Een verpleegkundig kinderzorghuis, waar kinderen en hun ouders terecht kunnen als stap tussen ziekenhuis en thuis. In een veilige kindvriendelijke omgeving kunnen ouders na een intensieve ziekenhuisopname van hun kind verpleegkundige handelingen leren zodat ouders met vertrouwen de zorg voor hun kind thuis zelf aan kunnen. Naast een logeerhuis kan het ook een hospice functie vervullen waar kinderen in de laatste fase van hun leven samen met ouders en broertjes en zusjes kunnen worden verzorgd.
  • Pastorie – In de Pastorie, behorende bij het Familiehuis, zullen appartementen worden gecreëerd waar jongvolwassenen tussen de 16 en 23 jaar oud met een verstandelijke beperking beschermd kunnen wonen. Zij zullen betrokken worden binnen de wijk en in het Familiehuis met verschillende dagactiviteiten.

De verwachting is dat we een jaar aan het verbouwen zijn en hopen najaar 2017 de eerste kinderen in de kerk te kunnen opvangen. De website www.defamiliekerk.nl zal dit hele spannende proces verslaan.

Wij danken Stichting Kind en Ziekenhuis voor de goede professionele en vriendschappelijke begeleiding en zullen hen ook zeker advies vragen bij de inrichting van het nieuwe Familiehuis. Het heeft ons team veel gebracht, processen zijn beschreven, PDCA cyclus weer op ons netvlies, we spreken elkaar aan en kijken kritisch samen waarom we doen wat we doen.

Ouders zijn onze belangrijkste partner in zorg. We willen hun kinderen de beste ontwikkelingskansen geven en laten genieten in een veilige kindgerichte omgeving!

Kind & Ziekenhuis kent Bronzen, Zilveren en Gouden Smileys toe. De toekenning van de Bronzen Smiley voor de Kinder- en dagbehandeling, Kraamafdeling en Polikliniek & Eerstelijns Kindzorg vindt plaats door middel van deskresearch. De toekenning van de Zilveren en Gouden Smiley voor de Kinder- en dagbehandeling, de Bronzen, Zilveren en Gouden Smileys voor de Spoedeisende hulp en Medische Kindzorg thuis en in kinder(dag)verblijven vindt plaats door middel van een visitatieproces. Om op te kunnen gaan voor een Zilveren of Gouden Smiley is het een vereiste dat de zorgorganisatie aan het Bronzen niveau voldoet en/ of aan de drop-out criteria.
Meer info over de alle Smileys en de criteria: www.kindenziekenhuis.nl/smiley.

Meer info?

CityKids – www.mkdvcitykids.nl
Kinderhospice Zonnacare – www.zonnacare.nl
Medische Kindzorgsysteem – www.hetmedischekindzorgsysteem.nl
Smileys en Criteria – www.kindenziekenhuis.nl/smiley
Handvesten Kind & Ziekenhuis en Kind & Zorg – www.kindenziekenhuis.nl/handvest

Wie wordt de Kinderverpleegkundige ‘Family Integrated Care’ 2016?

Op 23 september wordt er tijdens het congres “Medische Kindzorg: De vernieuwing! Wat is uw rol?” door Hester Rippen, directeur van Stichting Kind en Ziekenhuis de award Kinderverpleegkundige ‘Family Integrated Care’ van het jaar 2016 uitgereikt.

Diverse kinderverpleegkundigen die het kind en gezin echt zien als gelijkwaardige partner in de zorg en dat tot uiting laten komen in de praktijk, zijn hiervoor genomineerd. De kinderverpleegkundigen zijn genomineerd door ouders, kinderen en collega’s.

De afgelopen weken is er veel gestemd op de genomineerden via http://www.cognicum.com/each-nationale-congresdag.

De kinderverpleegkundige met de meeste stemmen zal op 23 september de award in ontvangst mogen nemen en zich een jaar lang Kinderverpleegkundige “Family Integrated Care” van 2016 mogen noemen!

Stichting Kind en Ziekenhuis bevordert al bijna 40 jaar kindgerichte zorg vanuit het perspectief van het kind en de ouders waarbij kindgerichte zorg ook staat voor gezinsgerichte en ontwikkelingsgerichte zorg. Van ‘Family Centered Care’ naar ‘Family Integrated Care’ betekent een verschuiving van kind en gezin betrekken en het gezinsleven zo normaal mogelijk door laten gaan zonder scheiding van kind en ouders, naar een model van kind en gezin waarbij het gezinsleven centraal staat en het gezin als gelijkwaardig partner opgenomen wordt in het zorgteam. Op 23 september maken we de kinderverpleegkundige bekend die hier het verschil in maakt!

Op het EACH congres staat de vernieuwing van de medische kindzorg centraal. Doordat medische mogelijkheden toenemen kunnen (ernstig) zieke kinderen steeds vaker en sneller van het ziekenhuis naar huis. Het is ook een fundamenteel recht van een ziek kind om – als dit mogelijk is – de zorg buiten het ziekenhuis te krijgen. Kinderen reageren echter fysiek en emotioneel anders dan volwassenen. Bovendien is ieder kind anders, wat ook geldt voor het gezin waarin het kind opgroeit. Daar moet oog voor zijn. In Nederland is het Medische kindzorgsysteem bedacht om deze zorg met alle aspecten te waarborgen. Vragen die aan de orde komen zijn: Hoe is het in andere Europese landen geregeld? En hoe is het nu eigenlijk gesteld met de rechten van het kind en kind- & gezinsgerichtheid in de gezondheidszorg?

Voor meer informatie:

www.cognicum.com/kindenziekenhuis
www.kindenziekenhuis.nl
www.hetmedischekindzorgsysteem.nl

Hester Rippen: h.rippen@kindenziekenhuis.nl – 06 28 178 238

Comorbiditeit bij 80% van de kinderen met epilepsie

Ongeveer 20.000 Nederlandse kinderen hebben een vorm van epilepsie. Nieuwe bevindingen tonen aan dat de ziekte bij 4 van de 5 kinderen gepaard gaat met andere aandoeningen. Dit kan ADHD zijn of een ademhalingsprobleem als astma.

Onderzoek naar epilepsie

Het is een aandoening die zich uit in de vorm van aanvallen. Aanvallen worden veroorzaakt door een tijdelijke verstoring van de elektrische activiteit in de hersenen. Onderzoekers van de Muir Maxwell Epilepsy Centre rapporteren dat ongeveer 80% van de kinderen met minstens één andere aandoening te kampen heeft. Deze kunnen van lichamelijke, neurologische of psychische aard zijn. Ter vergelijking, 30% van de kinderen zonder epilepsie schijnt met gezondheidsproblemen te kampen.

Meest voorkomende aandoeningen

Informatie over de gezondheid van meer dan een miljoen kinderen is in dit onderzoek geanalyseerd. Circa 9.200 hadden epilepsie. Van deze kinderen hadden 6.600 minstens één andere aandoening.

De meest voorkomende aandoeningen waren voor:

  • 55% lichamelijk (o.a. spijsverteringsproblemen, bot – en spierafwijkingen)
  • 41% neurologisch (o.a. hoofdpijn, cerebrale parese)
  • 43% gekoppeld aan ontwikkelings– en psychische stoornissen (o.a. ADHD).

ADHD bleek bij kinderen met epilepsie 5 keer meer voor te komen dan bij kinderen zonder.

Mogelijke verklaring

Er zijn twee redenen die mogelijk verklaren waarom het percentage comorbiditeit bij kinderen met epilepsie zo hoog is. Ten eerste krijgen kinderen met epilepsie vaak medicatie die bijwerkingen met zich meebrengen. Deze kunnen vervolgens weer andere gezondheidsproblemen veroorzaken. Daarnaast kan een epilepsieaanval tijdelijke of blijvende letsel veroorzaken. Dit vergroot tevens de kans op een andere aandoening. Uit analyse blijkt dat bij een zeldzame of extreme vorm het risico hierop groter is.

Waardevolle bevindingen

Epilepsie kan naarmate een kind ouder wordt verdwijnen. Dit onderzoek wijst niet uit of de overige aandoeningen ook verminderen naarmate een kind ouder wordt. Desondanks noemt hoofdonderzoeker Richard Chin de bevindingen waardevol. Het sluit aan bij de gedachte van veel experts, dat de aandoening niet alleen een afwijking is die aanvallen veroorzaakt. Bij kinderen waar sprake is van comorbiditeit zou het mogelijk kunnen zijn dat juist de andere aandoeningen de ziekte veroorzaken.

Bron: Pediatrics, Online.